Een oud-militair met longziekten heeft alsnog recht op een financiële vergoeding van 7.500 euro, omdat hij tijdens zijn werk is blootgesteld aan stoffen met chroom-6. Dat heeft de Centrale Raad van Beroep (CRvB) op 28 februari geoordeeld.

De oud-militair heeft meer dan een jaar als schoonmaker gewerkt in loodsen waar materialen met chroom-6 houdende stoffen werden geschuurd en geverfd. Na afloop van de schuur- en verfwerkzaamheden moest hij de loodsen uitvegen en allerlei soorten (rest)afval opruimen.

Hij lijdt aan longaandoeningen en heeft een financiële vergoeding aangevraagd op grond van de zogenoemde Coulanceregeling defensie. Deze regeling is bestemd voor (oud) medewerkers van defensie met een aandoening, waarvan kan worden aangenomen dat die verband houdt met het werken met stoffen met chroom-6.

De Staatssecretaris van Defensie heeft de aanvraag destijds afgewezen omdat hij niet aannemelijk vond dat de man tijdens zijn (schoonmaak)werkzaamheden was blootgesteld aan chroom-6 houdende stoffen. De man was pas enige tijd na de schuur- en verfwerkzaamheden in de loodsen aanwezig om de resten op te ruimen. De rechtbank stelde de Staatssecretaris eerder in het gelijk. Tegen deze beslissing van de rechtbank is de oud-militair in hoger beroep gegaan bij de CRvB.

De CRvB oordeelt dat de oud-militair wel degelijk is blootgesteld aan chroom-6 houdende stoffen. Hij heeft immers schoongemaakt in loodsen, waar eerder door anderen met chroom-6 bevattende stoffen was geschuurd en geverfd. Hierdoor waren in die loodsen stofdeeltjes met chroom-6 vrijgekomen. De oud-militair is bij het schoonmaken van die loodsen – in ieder geval tijdens het uitvegen van de loodsen – in aanraking gekomen met die stofdeeltjes.

Van belang is daarom de informatie van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu over chroom-6 en het inademen van stofdeeltjes als deze (weer) vrijkomen in de lucht. Op grond van deze informatie vindt de CRvB het aannemelijk dat de man bij het uitvegen van de loodsen is blootgesteld aan chroom-6 houdende stoffen. Hij ontvangt daarom op grond van de Coulanceregeling in hoger beroep alsnog een vergoeding van 7.500 euro.

Het oordeel van de Centrale Raad van Beroep in deze zaak is een eindoordeel.

BRON: Rechtspraak.nl


Kijk voor meer informatie over chroom-6 op onze Informatiepagina Chroom-6  en/of ons Dossier Chroom-6.