Ook op de Arnhemse John Frostbrug en de Nederrijnbrug in Heteren zit verf met het giftige chroom-6. Dat is te lezen op de website van Rijkswaterstaat. Eerder werd al bekend dat de Waalbrug in Nijmegen beschilderd is met de chroom-6-verf. Renovatie van die brug levert om die reden vertraging op. Dat meldt De Gelderlander vandaag.

Op 4 maart start de renovatie van de Waalbrug en dit zal ongeveer anderhalf jaar gaan duren. Om de renovatie veilig te laten verlopen worden extra maatregelen genomen. Er wordt alles aan gedaan om gezondheidsrisico’s door het vrijkomen van chroom-6 te beperken.
Nu blijkt dat ook de bruggen in Arnhem en Heteren chroom-6-verf hebben, en ook die bruggen zullen in de komende tijd gerenoveerd worden. Maar Rijkswaterstaatwoordvoerder Thijs Scheres wil geen voorbarige conclusies trekken: ‘Het is nog niet duidelijk of bij de renovatie het schilderwerk zal worden afgestraald. Pas als dat gebeurt komt de chroom-6 vrij.’

Op de John Frostbrug werd de verf in oktober vorig jaar ontdekt. Daar is boven en onder het wegdek het goedje aangetroffen. Renovatie staat gepland voor 2021. Op de Nederrijnbrug zit de verf op verschillende kolommen. Werkzaamheden aan de brug in Heteren staan gepland voor dit voorjaar. Rijkswaterstaat heeft een overzicht gepubliceerd van objecten waarvan momenteel bekend is dat er chroom-6 is aangetroffen. De lijst is een werkdocument en wordt doorlopend aangevuld. Van objecten die niet in de lijst voorkomen is niet bekend of er chroom-6 aanwezig is.

Geen zaak tegen de Staat

Het gerechtshof in ’s-Hertogenbosch deed donderdag uitspraak in een procedure van de Stichting NL-POMS zuid en enkele particulieren tegen de Staat der Nederlanden. In de marge van de hoofdzaak, waarin de Stichting c.s. de Staat aansprakelijk stellen voor de geleden schade door het werken met chroom-6, wilden zij aanvullend onderzoek laten doen naar bepaalde ziekten die volgens hen zijn veroorzaakt door het werken in de aanwezigheid van chroom-6 gritstof. Het hof heeft dat verzoek nu afgewezen omdat de hoofdzaak al voor uitspraak staat en aanvullend onderzoek daarom niet meer kan worden meegenomen in die beslissing.

De Staat vindt dat het verzoek tot nader onderzoek moet worden afgewezen. De belangrijkste reden daarvoor is dat de Stichting c.s. bij de rechtbank in de hoofdzaak niet ontvankelijk zijn verklaard. De Staat stelt dat deze vraag in de hoofdzaak ook eerst aan de orde moet zijn en dat daar nu niet op moet worden vooruitgelopen met aanvullend onderzoek.

BRON: De Gelderlander en Blik op Nieuws