Slachtoffers van ernstige medische missers worden nog altijd veelvuldig tegengewerkt door verzekeraars wanneer zij hun recht willen halen. Een toenemend aantal letselschade-advocaten en -bureaus haken daardoor zelfs af en willen geen medische claims meer doen.

Dat zegt onder andere advocaat Tim Bueters, voorzitter van de vereniging van Advocaten voor Slachtoffers van Personenschade (ASP). Hij vindt het afhaken van collega’s een teken aan de wand en kwalijk voor de positie van slachtoffers. Hoeveel bureaus en advocaten medische claims in de ban doen kan Bueters niet zeggen. “Maar ik hoor het geregeld in mijn netwerk.”

Hij zegt dit in reactie op een serie van klachten, die het dagblad De Stentor de afgelopen tijd kreeg van slachtoffers van vermeende medische missers. Het afgelopen jaar kreeg deze redactie veelvuldig klachten over de afhandeling. “Ze vertragen alles tot je bijna bent doodgebloed”, zei één van die patiënten tegen deze krant.

Zes jaar strijden

Enkele voorbeelden: een Culemborgse vrouw vecht al vijf jaar voor een schadevergoeding, na een vermeende medische fout bij een bekkenoperatie in het MST in 2009. Een man uit Den Ham vecht al ruim drie jaar voor een vergoeding vanwege een te laat gestelde diagnose van sepsis in het ZGT. Aansprakelijkheid is geen probleem meer, maar over de hoogte van de schade valt maar geen akkoord te bereiken. De Den Hammer moet noodgedwongen zijn huis te koop zetten. Vorig jaar kende de rechtbank in Almelo aan een ander slachtoffer circa 60.000 euro toe, nadat advocaat Marcel Camps zes jaar had moeten strijden. Ook hij luidde toen de noodklok. “Je moet bijna standaard naar de rechter.”

Bijna alle zorginstellingen in Nederland zitten voor medische fouten bij twee grote verzekeraars: MediRisk en Centramed. Zij herkennen zich niet in de verwijten. Woordvoerder Karlijn Leemhuis van MediRisk: “Circa de helft van de claims wordt erkend. De gemiddelde afhandeltijd is circa 2,5 jaar, maar de meeste claims zijn sneller opgelost. Als het langer duurt gaat het om complexe medische zaken.” Per jaar krijgen de twee verzekeraars zo’n 1500 nieuwe claims. MediRisk handelde er vorig jaar 1.133 af, maar hield nog ruim 1800 lopende zaken over.

De Letselschade Raad doet onderzoek naar de oorzaken van langlopende letselschades en wil mogelijk de gedragscode voor verzekeraars aanpassen. Uit cijfers die zij hanteert zou blijken dat ruim 10 procent van alle letselschadezaken langlopend zijn: tussen de 5 tot wel 15 jaar. Letselschade-expert Yme Drost uit Hengelo is bij dit onderzoek naar de gedragscode betrokken. Hij wil niet vooruitlopen op adviezen. Over de oorzaak is hij duidelijk: “Er wordt door verzekeraars een tactiek toegepast van de verschroeide aarde. Het is om moedeloos van te worden.”

Hand en tand verzetten tegen claims

Tim Bueters herkent de Twentse klachten. “De praktijk is dat verzekeraars zich met hand en tand verzetten. De patiënt moet maar aantonen dat er een fout is gemaakt. Zij moeten daarvoor op eigen kosten dure medische deskundige inschakelen. En als dat advies de verzekeraar niet aanstaat, gaan ze achter de schermen net zo lang op zoek naar een deskundige, die met een heel ander verhaal komt. Vergeet niet: de artsen schrijven jouw dossier en bepalen wat er in staat en wat niet. Wat gechargeerd: de patiënt gaat met een gebroken been het ziekenhuis in, komt er met een geamputeerd been uit en heeft geen idee wat er is ondertussen is gebeurd, want hij lag in coma.”

Volgens Bueters haken door alle problemen steeds meer belangenbehartigers af ‘omdat de afwikkeling zeer moeizaam verloopt en het een gigantische kluif is om hun eigen kosten vergoed te krijgen’. Niet alleen de uren, maar ook het inwinnen van medische adviezen. “Zolang de aansprakelijkheid niet aanvaard is, zal het slachtoffer zelf de kosten moeten voorschieten. Veel slachtoffers zijn daartoe niet in staat.”

En een toenemend aantal belangenbehartigers kunnen of willen dit zelf ook niet meer jarenlang voorschieten. Ridder Letselschade in Zeewolde is zo’n bureau. “Wij zijn door schade en schande wijs geworden. De hele zaak liep er op leeg”, zegt Tjip Ridder. “Veel medische fouten worden onder de benaming ‘complicatie’ van tafel geveegd. Er wordt geen woord zo misbruikt als het woord complicatie.”

Ook bij de Hengelose letselschade-expert Yme Drost is is noodgedwongen ‘een quotum voor medische zaken ingevoerd’. “Niet meer dan 5 procent van onze zaken mag gaan om een medische fout.” Drost kreeg landelijke bekendheid door de affaire Jansen Steur. Ondanks veroordelingen van de arts door het Tuchtcollege wees de verzekering de aansprakelijkheid steevast af. “We hebben tonnen aan kosten voor moeten schieten. Je wordt ontmoedigd.” Drost vindt dat na de Jansen Steur-affaire er zaken zijn verbeterd, maar dat intussen ‘we weer terug naar af zijn’.

Te gemakkelijk verhaal

MediRisk vindt het maar een te gemakkelijk verhaal. Leemhuis: “Het is opvallend dat belangenbehartigers spreken over ‘ontmoedigen’ en ‘vertragen’. Enerzijds omdat zij zelf een zeer groot aandeel hebben in de oplopende claimkosten. En anderzijds omdat zij niet zelden de vertragende schakel zijn door informatie laat of onvolledig aan te leveren.”

MediRisk zegt zich ‘de frustratie van patiënten goed voor te kunnen stellen over de afhandeling van een claim’. “De afstand tot de verzekeraar is groot, de materie is complex en het proces duurt voor een patiënt per definitie te lang. De onderliggende oorzaken zijn echter anders dan vaak geschetst. Afwijzen van aansprakelijkheid betekent niet dat we de klachten van een patiënt ontkennen. Maar fout gegaan is niet hetzelfde als fout gedaan. Daarvoor moet verwijtbaarheid aantoonbaar zijn, zo is dat geregeld in Nederland. In ons rechtssysteem is het gebruikelijk dat patiënten zelf aantonen dat ze schade hebben geleden. Dat voelt als een belasting maar dat is de regelgeving zoals die is. Dat laat onverlet dat het altijd zinvol is om kritisch te blijven kijken naar de werkbaarheid van het huidige systeem.”

Volgens Leemhuis heeft de geldende gedragscode wel degelijk nut voor de patiënten, omdat die heeft bijgedragen aan een transparanter en duidelijker proces waardoor patiënten meer houvast hebben. Ze wijst er ook op dat patiënten een voorschot krijgen als aansprakelijkheid bij medische missers wel erkend is maar de definitieve hoogte van de vergoeding nog niet is vastgesteld.

BRON: De Stentor / Tubantia


In de Volkskrant van 21 juni 2019 stond een lezenswaardig en uitgebreid artikel over de problemen bij slachtoffers van medische missers in hun poging om de aansprakelijkheid erkend te krijgen: ‘Verdwaald in een woud van kil papierwerk en procedures’.