Het chroom-6 rapport van het RIVM deugt niet, dat zegt advocaat Bedaux uit Heerlen. Hij vindt dat de chroom-6 deelrapporten zijn geschreven door ondeskundigen. Hij stelt dat de klankbordgroep van het RIVM deze deelrapporten heeft overgenomen en daardoor een onvolledig en onjuist eindrapport heeft geschreven. Dat berichtte RTV-Oost gisteren.

Volgens Bedaux was het onderzoek over wat wel en minder bekend is over chroom-6 niet echt nodig. “In het verleden waren er al een zeer groot aantal inventarisaties van de gevolgen van chroom-6 bekend. Ik trof bijvoorbeeld Turkse, Franse Amerikaanse en Braziliaanse onderzoeken aan over samenhangend verkleuren en afbrokkelen van tanden na chroom-6 terwijl het RIVM die samenhang globaal ontkent.”

Verder stelt Bedaux dat het RIVM in het onderzoek alleen over chroom-6 schrijft, terwijl er volgens hem op de werkvloer contact is geweest met meerdere andere stoffen, zoals benzeenhoudende smeer- en oplosmiddelen, strontium, PX-10, JP-8, Halon, uranium en asbest zonder beschermende middelen.
“De conclusie is dat de combinatie van die stoffen met chroom-6 nog schadelijker is en dus meer beperkingen met zich mee kan brengen dan dat alleen chroom-6 ontbreekt.”

Bedaux concludeert dat de totstandkoming van het rapport te lang heeft geduurd, volgens hem helpt het rapport niet de mensen maar juist de overheid. “Vanwege onjuiste uitgangspunten slaat het RIVM ook met de indeling van werkzaamheden en ziekten de plank mis. Dit dure vierjarige onderzoek zou eigenlijk alleen al vanwege onjuiste veronderstellingen de prullenbak in kunnen”, zegt Bedaux.

De Heerlense advocaat Rob Bedaux staat al vanaf 2014 veel zieke (ex)medewerkers van Defensie bij in hun roep om een schadevergoeding. De meesten zijn ook in aanraking geweest met chroom-6 bij hun werkzaamheden op POMS-locaties in Brunssum en Eygelshoven. Een Hoger Beroep in mei 2018, waarin Bedaux voor individuele slachtoffers een hogere schadevergoeding eiste, werd echter afgewezen.