Afgelopen week werden er twee informatiebijeenkomsten gehouden over het gebruik van kankerverwekkende verf bij Defensie. Deze bijeenkomsten waren bedoeld om betrokkenen en slachtoffers een toelichting te geven op het rapport van het RIVM dat op 4 juni verscheen.  Ze werden bijgepraat over de compensatieregeling die Defensie treft met mensen die ziek werden door het werken met de zeer giftige stof chroom-6 in de onderhoudswerkplaatsen van het leger, de zogenoemde POMS-sites.

Roermond

Op de bijeenkomst in Roermond van 6 juni kwamen ongeveer honderd (oud-)medewerkers en nabestaanden af. De aanwezigen waren totaal niet tevreden met de regeling van Defensie. Vooral omdat slechts een beperkt aantal ziekten wordt erkend als gevolg van werken met chroom-6. Velen klaagden over andere aandoeningen, die niet op de lijst van erkende ziekten van Defensie staan. Naar een samenhang van deze aandoeningen met het werken in de POMS-sites moet nog nader onderzoek worden gedaan. Volgens sommigen duurt dat veel te lang.

Voor veel aanwezigen was het werken in een POMS-site ‘een grote zwijnerij’. Volgens hen heeft Defensie sinds 1973 willens en wetens mensen blootgesteld aan kanker en andere dodelijke ziekten. Uit de verhalen van ex-werknemers blijkt dat ze zonder mondkapjes of andere bescherming met de gevaarlijke stof moesten werken in nauwelijks geventileerde ruimtes. ‘Een misdrijf’, noemden enkele aanwezigen het, die vinden dat Defensie voor de rechter moet komen te staan. Ook zouden zorgverzekeraars ziektekosten van werknemers moeten verhalen op Defensie, werd er geopperd.

In de regeling van Defensie is alleen sprake van chroom-6. Niet over de gevolgen van werken met radio-actief uranium, benzeen en schoonmaakmiddelen op de POMS-sites. Bovendien moeten mensen zelf bewijzen dat ze ziek werden door chroom-6. Bij erkenning daarvan kunnen slachtoffers een compensatie krijgen die kan variëren van 5.000 tot 40.000 euro smartengeld en een schadevergoeding van 3.850 euro. Een schijntje, zo vond de zaal. Of zoals iemand de woede in de zaal verwoordde:”Het moet zo goedkoop mogelijk en voor zo weinig mogelijk mensen!”.

Almelo

Op de bijeenkomst in Almelo van 8 juni waren zo’n 150 (oud-)defensiemedewerkers en andere betrokkenen aanwezig. Ook nu waren de mensen in de zaal vooral kritisch en wantrouwend richting Defensie en het RIVM. Ook hier was er kritiek op Defensie die wist dat het werken met chroom-6 gevaarlijk was, maar niemand bracht het personeel of de bedrijfsartsen op de hoogte. Veel slachtoffers waren ontevreden over de regeling die Defensie heeft gepresenteerd. Ook hier kwam de reactie uit de zaal:”Wat ze nu doen is het heel klein maken, voor een beperkt aantal mensen!”.

Veel mensen vroegen zich af waarom zoveel collega’s ziek zijn geworden en waarom van een aantal ziektes zoals blaaskanker niet chroom-6 als veroorzaker wordt aangewezen. het RIVM wijst op meerdere buitenlandse studies, die zijn gebruikt bij het samenstellen van de lijst van ziekten en aandoeningen die door het werken met de chroomhoudende verf zijn veroorzaakt. Momenteel doet het RIVM ook nog onderzoek naar een andere soort verf, de zogeheten CARC, dat ook door Defensie werd gebruikt.

Ook nu in de zaal veel boosheid over de regeling. Ook omdat de ex-medewerkers, die (nog) niet ziek zijn, geen geld krijgen (om zich te laten onderzoeken, of als smartengeld). En waarom moeten zij aantonen dat ze met chroom-6 hebben gewerkt? Defensie is immers nalatig geweest. Voor velen heeft dit tot op de dag vandaag nog een grote emotionele impact. Het is wel duidelijk dat ook op deze tweede bijeenkomst Defensie er niet in is geslaagd om het vertrouwen van de slachtoffers weer te winnen!

BRON: rtvdrenthe.nl

 


Kijk voor meer informatie over chroom-6 op onze Informatiepagina Chroom-6 en/of ons Dossier Chroom-6.